Claudia McLean groeide op als een, in haar eigen woorden, "behoorlijk effeminaat, homoseksueel jongetje" in een van de ruigste wijken van Glasgow, eind jaren vijftig. Ze overleefde een gewelddadige jeugd — een vader die haar mishandelde, veroordeeld werd voor een moordpoging en zichzelf later van het leven beroofde — en vond als jongvolwassene rust als kapper en kerkkoorzangeres. Toch werd ze op haar 26e binnen drie kwartier gediagnosticeerd als geschikt voor een geslachtsverandering, een beoordeling die haar leven blijvend zou tekenen. Haar verhaal, onlangs opgetekend in het Britse tijdschrift UnHerd naar aanleiding van haar boek Rejected, leest als een vroege waarschuwing voor problemen die decennia later opnieuw bovenkomen in het huidige debat over genderzorg.

Een diagnose in drie kwartier

Volgens McLean bestond haar hele psychiatrische beoordeling uit een kort gesprek waarin vooral stereotiepe vragen aan bod kwamen — onder meer of ze als kind met poppen had gespeeld. Op basis daarvan concludeerde de behandelend psychiater dat ze, in zijn woorden, "goed als vrouw passeerde" en dus geschikt was voor chirurgie. Van een grondige verkenning van haar getraumatiseerde jeugd, haar rouw om een gewelddadige vader of alternatieve verklaringen voor haar gevoelens was geen sprake. Binnen afzienbare tijd volgde hormoontherapie, en in 1986 de volledige operatie, die ze zelf moest betalen.

Wakker worden met spijt

McLean beschrijft in het interview hoe ze na de ingreep huilend wakker werd — spijt die zich, anders dan vaak wordt aangenomen, niet pas jaren later maar vrijwel onmiddellijk aandiende. De relatie met de liefde van haar leven eindigde kort na de operatie alsnog. Toch koos McLean er niet voor om te detransitioneren: naar eigen zeggen was de ingreep te radicaal en had ze inmiddels te lang als vrouw geleefd om nog terug te kunnen. Ze noemt zichzelf daarmee geen klassieke detransitioner, maar wel iemand die al sinds 2003 in het openbaar spreekt over haar spijt — jaren voordat dat onderwerp maatschappelijk bespreekbaar werd. Die vroege openhartigheid kostte haar destijds veel: ze werd door activisten verstoten en weggezet.

Wat haar verhaal nu betekent

Bijna veertig jaar later publiceert McLean met Rejected (Oxfordfolio Press) een volledig relaas van het trauma achter haar transitie en de oppervlakkige manier waarop ze destijds werd beoordeeld. Actuele detransitioners, zoals de door UnHerd geciteerde Michael Kerr, herkennen in haar verhaal een patroon dat zich herhaalt: gedrag dat afwijkt van genderstereotypen — een jongen die niet aan mannelijkheidsnormen voldoet, een meisje dat niet aan vrouwelijkheidsnormen voldoet — wordt te snel geduid als bewijs van een andere genderidentiteit, zonder oog voor onderliggende trauma's of andere verklaringen. McLean's ervaring uit de jaren tachtig laat zien dat de kritiek op haastige diagnostiek en een gebrek aan grondige screening geen nieuw fenomeen is, maar al decennia meegaat — en dat de gevolgen voor de patiënt levenslang kunnen zijn.

Bram Kortekaas

Bram Kortekaas

Redactie

Veelgestelde vragen

Wie is Claudia McLean?

Een Schotse vrouw die in 1986 op 26-jarige leeftijd een geslachtsoperatie onderging na een psychiatrische beoordeling van amper drie kwartier, en die sinds 2003 openlijk spreekt over de spijt die ze daarover voelt.

Heeft Claudia McLean gedetransitioneerd?

Nee. Ze vond de operatie te radicaal om nog terug te draaien en leeft inmiddels veertig jaar als vrouw, maar noemt haar spijt over de beslissing wel vrijwel onmiddellijk na de ingreep.

Wat legt haar boek Rejected bloot?

Het boek beschrijft het trauma achter haar transitie en hoe oppervlakkig de destijds gestelde diagnose was — gebaseerd op stereotiepe vragen in plaats van een grondige beoordeling van haar achtergrond.